Website verlaten?

U verlaat nu de https://levenmetpah.nl website. Wij informeren u dat de privacy policy en cookie policy op de andere website kan afwijken van de https://levenmetpah.nl website.

De cardioloog

Waarom komt u op de afdeling cardiologie terecht?

Als u vanuit de huisarts wordt doorverwezen, kan het zijn dat u bij een cardioloog terecht komt. Bij PH is eigenlijk altijd een cardioloog betrokken. Waarom is dat, en welke onderzoeken worden er gedaan?

De rol van de cardioloog bij vermoedens van pulmonale hypertensie

Stuur door via e-mail

Snakken naar lucht bij minimale tot normale inspanning is vaak een van de eerste signalen die wijzen op problemen met de venae pulmonales, Latijn voor longslagaders. Een levensbedreigend verschijnsel wat hieruit kan voortkomen is pulmonale hypertensie (PH). Bij PH is de druk in de longcirculatie te hoog. Volgens dr. Arie van Dijk moet een scala aan onderzoeken waarbij cardiologen een grote rol spelen aantonen of hier sprake van is. De cardioloog is vaak een eerste schakel in het diagnoseproces. Die bepaalt met een echo afwijkingen in de longslagaderdruk.

Van Dijk, cardioloog gespecialiseerd in aangeboren hartafwijkingen (Radboudumc), zegt dat het steeds ingewikkelder wordt om een diagnose te stellen. Dat heeft grotendeels te maken met de meerdere gezondheidsproblemen waarmee het groeiend aantal ouderen kampt. Hierdoor is het lastig om een precieze oorzaak voor pulmonale hypertensie aan te wijzen. 

Druk in de longslagader bepalen
Een van die gezondheidsproblemen tevens een kernsymptoom van PH is kortademigheid. Omdat het bij veel verschillende ziektebeelden voorkomt is onderzoek nodig om te bepalen waar de kortademigheid vandaan komt. Elke patiënt met deze klacht dient doorverwezen te worden naar een cardioloog voor nader lichamelijk onderzoek. Van Dijk: “Veelal zal dit bestaan uit een hartfilmpje om de werking van het hart te registreren. Daarnaast kan een hartecho nuttig zijn om een schatting te maken van de druk in de longslagader.” Indien de resultaten het vermoeden van ph wekken, volgen dan verdere onderzoeken waaronder:

• Holteronderzoek, om een eventuele hartritmestoornis vast te stellen
• Myyocard perfusie scintigrafie, onderzoek waarbij de doorbloeding van de hartspier wordt gemeten
• Hartkatheterisatie

Bij een hartkatheterisatie gaat de cardioloog met een dun buisje via een ader het lichaam binnen om het hart en de hoofdslagaders te onderzoeken. Als er in de longslagader een druk gelijk aan 25 mm HG (spreek uit als millimeter kwikdruk = graadmeter voor de druk) of hoger wordt gevonden, is de diagnose bevestigd. Ter vergelijking is de druk normaal rond de 14 mm HG.

Afwijking van de linkerhartkamer
Van Dijk: “Na de diagnose proberen we uit te vinden welk onderliggend probleem de pulmonale hypertensie veroorzaakt.” PH kan het gevolg zijn van verschillende ziektebeelden. De WHO (World Health Organization) classificeert 5 groepen;  

1. pulmonale arteriële hypertensie
2. ph veroorzaakt door ziekten aan de linkerkant van het hart
3. ph veroorzaakt door longziekten
4. ph door chronische longembolie (CTEPH)
5. ph door onduidelijke of multifactoriële oorzaken.

Patiënten uit groep 2 en 4 komen altijd bij een cardioloog terecht. Dan rest nog het vaststellen van de precieze afwijking die de ph veroorzaakt en het monitoren van de patiënt. Het ziektebeloop wordt sterk bepaald door de functie van de rechterhartkamer. Door middel van een echo en in uitzonderlijke gevallen een mri, bekijkt de cardioloog het functioneren van de rechterhartkamer.

Echocardiografie of mri
De keuze voor echocardiografie of een mri heeft voor een deel te maken met de apparatuur waarover het ziekenhuis beschikt en of de cardioloog gedetailleerde informatie nodig heeft. Met een mri is in detail te zien wat er gaande is in de hartkamers. Daartegenover zijn met een echo de hartkleppen beter te onderzoeken. “Soms vullen de technieken elkaar aan”, zegt Van Dijk.

Stuur door via e-mail